Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AR2699

Datum uitspraak2004-09-23
Datum gepubliceerd2004-09-24
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Zwolle
Zaaknummers245841 WM 04-794
Statusgepubliceerd
SectorSector kanton


Indicatie

kantonzaak. Wet Mulder; bestuurder aansprakelijk voor geldigheid APK, ook als het om proefrit gaat. Matiging sanctie mede in verband met feit dat auto zonder geldige APK door Rijksdienst te koop werd aangeboden.


Uitspraak

R E C H T B A N K Z W O L L E – L E L Y S T A D sector kanton – locatie Zwolle CJIB-nummer : 72285642 Zaaknummer : 245841 WM 04-794 Uitspraak : 23 september 2004 Ter in het openbaar gehouden terechtzitting van 23 september 2004 is mr. M.E.L. Fikkers, kantonrechter, bijgestaan door mr. A.H. Wiersma als griffier, overgegaan tot de mondelinge behandeling van het beroep dat is ingesteld tegen de beslissing van de officier van justitie met bovengenoemd CJIB-nummer. Het beroepschrift is ingediend door: naam : [naam] adres : [adres] woonplaats : [woonplaats], nader ook te noemen: betrokkene. Verschenen zijn: dhr. A.M. Durieux als officier van justitie, en betrokkene. Betrokkene heeft beroep ingesteld en daartoe aangevoerd dat hij op 20 mei 2004 te goeder trouw een Rolls Roys met het kenteken [kenteken] bestuurde, niet wetende dat deze niet APK gekeurd was. De auto was hem te koop aangeboden door een met name genoemde heer die door de Inspecteur der Rijks Domeinen was belast met de veiling ervan. Op 25 juni 2004 heeft hij de auto gekocht en ook APK laten keuren. Ter zitting heeft betrokkene medegedeeld zijn verweer te handhaven en hier nog aan toegevoegd dat hij er niet van op de hoogte was dat een bestuurder aansprakelijk kan worden gesteld voor het rijden in een niet APK-gekeurde auto die niet tevens zijn eigendom is. De auto is ongeveer een maand geleden APK gekeurd. Al die tijd heeft de auto bij de dealer gestaan. De officier van justitie heeft meegedeeld de beslissing waarvan beroep is ingesteld, alsmede de verwerping van de bezwaren van betrokkene, te handhaven. De kantonrechter heeft vervolgens op grond van de navolgende overwegingen een beslissing genomen, welke beslissing is uitgesproken ter openbare terechtzitting. Het beroep is ontvankelijk omdat het tijdig is ingesteld en betrokkene zekerheid heeft gesteld. Artikel 72 Wegenverkeerswet 1994 bepaalt dat voor een motorrijtuig waarvoor een kenteken is opgegeven een keuringsbewijs dient te zijn afgegeven dat zijn geldigheid niet dient te hebben verloren. Voor overtreding van deze bepalingen is naast de eigenaar of houder ook de bestuurder aansprakelijk in het geval dat met het motorrijtuig over de weg wordt gereden, zegt hetzelfde artikel. Aan betrokkene kon derhalve een sanctie worden opgelegd toen bij zijn staandehouding werd geconstateerd dat de auto niet meer APK gekeurd was. Op grond van de gebleken omstandigheden van het geval, waaronder het feit dat de auto zonder geldige APK voor een proefrit ter beschikking werd gesteld door een overheidsinstantie, de Rijks Domeinen, zal de kantonrechter echter overgaan tot matiging van de sanctie tot € 10,00. De kantonrechter beslist als volgt: - verklaart het beroep (gedeeltelijk) gegrond en matigt de sanctie tot € 10,00; - vernietigt de bestreden beslissing en bepaalt dat de zekerheidstelling (verminderd met € 10,00) aan betrokkene dient te worden teruggegeven. Waarvan proces-verbaal, de griffier, de kantonrechter, Bent u het met de beslissing op uw beroep niet eens, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof te Leeuwarden, doch alleen indien: a. de bij deze beslissing opgelegde administratieve sanctie meer dan € 70,00 bedraagt, of b. het beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat de zekerheid niet (tijdig) is gesteld. Het beroepschrift moet worden ingediend bij de sector kanton te Zwolle en dient door degene die bij de sector kanton beroep heeft ingesteld of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend. De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij in het beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting wordt gevraagd waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.